De lijst met zoogdiersoorten die gehouden mogen worden als huis- en hobbydier telt op 1 januari 2024 nog een 30-tal soorten. Vanaf dat moment is het niet meer toegestaan om zoogdieren te houden die niet op de lijst staan. Het advies over de nieuwe huis- en hobbydierenlijst is vandaag door minister Henk Staghouwer van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit, verantwoordelijk voor dierenwelzijn, naar de Tweede Kamer gestuurd.

Een adviescollege van onafhankelijke wetenschappers heeft een groot aantal zoogdiersoorten die in Nederland worden gehouden beoordeeld op risicofactoren voor dierenwelzijn, als ook mogelijke risico’s voor de gezondheid en veiligheid van de mens (zoals letsel en zoönosen). Het advies heeft geleid tot de selectie van een 30-tal zoogdieren die nog wel gehouden kunnen worden. Deze worden opgenomen in de nieuwe huis- en hobbydierenlijst, waarop ook andere positieflijsten zijn gebaseerd zoals de productiedierenlijst en de circusdierenlijst.

De meest diersoorten die bekend zijn als huisdier zullen ook op de nieuwe huis- en hobbydierenlijst staan, zoals de hond, kat, cavia, goudhamster en het konijn. Vele als exotisch beschouwde dieren zoals bijvoorbeeld de serval (middelgrote katachtige), het stokstaartje en de luiaard vallen buiten de lijst van soorten die vanaf 2024 nog gehouden mogen worden als huis- of hobbydier. De totale lijst met toelichting is te vinden op www.rvo.nl/huisdierenlijst.

De beoogde datum van inwerkingtreding van de nieuwe huis- en hobbydierenlijst is 1 januari 2024. Er geldt een ruime overgangsperiode. Mensen die op 1 januari 2024 een dier hebben dat niet op de lijst staat, mogen dit dier houden of elders onderbrengen tot het dier overlijdt. Dit heeft onder andere als doel om te voorkomen dat mensen de dieren loslaten in de natuur, wat schadelijk kan zijn voor ecosystemen, het welzijn van de dieren en de veiligheid van de mens.

Met de inwerkingtreding van de nieuwe lijst per 1 januari 2024 wordt er ook een ruime tijd gegeven voor dierhouders en –verkopers om hun bedrijfsvoering aan te passen.

De beoordeling van alle gehouden zoogdieren laat zien dat de dieren die wel op de lijst komen te staan, ook complexe zorg nodig kunnen hebben. Het ministerie van LNV onderzoekt extra maatregelen voor de toekomst om ook het welzijn van deze dieren verder te verbeteren.

De expositie DIERBAAR van het Westfries Museum in Hoorn toont onze veranderende relatie met dieren door de eeuwen heen. Daarbij spiegelt het museum wederom het heden aan het verleden. Hoe kijken we vandaag de dag tegen dieren aan? Welke positie hebben ze in ons leven en hoe was dat drie/vierhonderd jaar geleden? De kunst van toen en nu geeft daar verrassend goed inzicht in. In DIERBAAR schuurt het werk van eigentijdse kunstenaars Adriana van Zoest (schilderijen) en Miriam Knibbeler (sculpturen) met de historische collectie in het museum. Bioloog en schrijver Midas Dekkers geeft hierop zijn karakteristieke commentaar in een speciale audiotour.

De expositie DIERBAAR is confronterend en hartverwarmend tegelijk. Het Westfries Museum in Hoorn koppelt hiermee opnieuw actualiteit en historisch besef aan elkaar: DIERBAAR toont namelijk onze veranderende relatie met dieren door de eeuwen heen. Een enorm vergroot portret van een pasgeboren kitten door Adriana van Zoest oogt bijna menselijk (is het dood of levend, vraag je je als toeschouwer af), terwijl op een 17e-eeuws schilderij – een keukenstuk van Jan Albertsz Rotius – de dieren als dode dingen liggen opgestapeld. Ze zijn duidelijk bedoeld voor consumptie én om de vaardigheden van de schilder te etaleren. Overigens tonen beide kunstwerken de hand van de meester, toen en nu.

Van gebruiksvoorwerp naar onze dierbare huisgenoten: in de kunst is de veranderende relatie tussen mens en dier door de eeuwen heen duidelijk zichtbaar vastgelegd. Zo bevat de collectie van het Westfries Museum vele kunstwerken met afbeeldingen van dieren. Het zijn beelden die vaak een enorme symboliek bevatten: ze staan voor rijkdom, de sterfelijkheid van de mens of refereren aan erotiek. Maar wat vooral duidelijk wordt in de door Midas Dekkers ingesproken audiotour, is dat dieren in de 16e, 17e en 18e-eeuwse kunst nooit neergezet zijn als wezens met een karakter, laat staan als iets meer onze gelijken.

In tegenstelling tot de dieren in het werk van Adriana van Zoest en Miriam Knibbeler: deze ademen verbondenheid met alles wat leeft. De dieren in hun kunst zijn persoonlijkheden, of ze nu leven of dood lijken te zijn. Beide kunstenaars lijken de ziel van onze mede-wezens te willen vastleggen. De beelden confronteren de kijker dan ook met de ervaringen van deze dieren, van deze individuen: ervaringen die we wellicht met hen gemeen hebben. Kijkend met de ogen van nu, vanuit het besef dat wij onderdeel zijn van de natuur, kijk je als bezoeker met andere blik naar de historische kunst in het museum waarin dieren zijn verbeeld. DIERBAAR laat de toeschouwer achter met de vraag: behoren wij mensen niet ook tot het dierenrijk?


Het routinematig afbranden van biggenstaartjes is al bijna dertig jaar verboden maar deze extreem pijnlijke handeling wordt nog steeds uitgevoerd bij 98 procent van alle biggen in Nederland. Varkens in Nood zou deze week de omstreden ingreep tonen op reclame-uitingen in grote steden om consumenten te informeren over de realiteit achter goedkoop varkensvlees. 

De uitingen werden echter door alle mediapartijen geweigerd. Het beeldmateriaal zou de regels van ‘goed fatsoen’ overtreden en ‘te shockerend’ zijn. Nadat er over het echte biggetje een tekenfilmbiggetje was gemonteerd, werden de uitingen wel goedgekeurd.  

Dierenarts en directeur van Varkens in Nood Frederieke Schouten: “Het afbranden van biggenstaartjes gebeurt nu achter gesloten deuren en dat vindt iedereen blijkbaar prima. Reclame maken voor spotgoedkoop vlees van varkens zonder staart is ook geen enkel probleem. Maar als je wil laten zien hoe dat couperen in zijn werk gaat, dan is het ineens onfatsoenlijk en shockerend. Die dubbele moraal willen we onder de aandacht brengen met deze campagne.”

De aangepaste uitingen van Varkens in Nood worden vertoond op reclameschermen bij bus- en tramhaltes in de vijf grootste steden. Het motto ‘kopen, kopen, niet kijken’ verwijst naar de dubbele moraal achter vleesconsumptie: supermarkten verleiden consumenten constant met goedkoop vlees, maar die consumenten mogen niet zien wat er komt kijken bij de productie daarvan.  

De campagne van Varkens in Nood wordt online ondersteund met reactievideo’s van een aantal bekende Nederlanders. Raven van Dorst, Kaj van der Voort, Tess Milne, Amijé Roos van der Laan en Denzel Slager reageren daarin op de ongecensureerde beelden van het couperen. “Het moet zo goedkoop mogelijk, waardoor wij de manier van werken onbewust in stand houden”, zegt Kaj van der Voort.  

Bij de productie van goedkoop vlees staan veel varkens dicht op elkaar in krappe, kale hokken. Uit verveling en frustratie gaan die varkens in elkaars staarten bijten, met open wonden en ontstekingen tot gevolg. Om dat te voorkomen, wordt bij al die biggetjes preventief het staartje afgebrand.

In Nederland is het routinematig couperen van staarten al bijna dertig jaar verboden, maar het wordt nog steeds gedoogd om staartbijten te voorkomen. Deze pijnlijke ingreep verandert echter niets aan de oorzaak: staartbijten is een gevolg van de slechte leefomstandigheden in varkensstallen. Het couperen voorkomt dat varkens in elkaars staart kunnen bijten, maar het helpt niet tegen de verveling en frustratie van de dieren.






Het verbod op de verkoop van cosmetica getest op dieren: die civilisatieslag was toch al lang en breed gemaakt? Klopt, in 2013 werd het verbod aangenomen door de Europese Unie.

Toch staat de dierproefwetgeving voor cosmetica de laatste jaren weer onder druk, met name door recente beslissingen van het Europees Agentschap voor chemische stoffen (ECHA).

Vandaag dienen Dove en The Body Shop samen met dierenbelangenorganisaties PETA, Cruelty Free Europe, HSI, Eurogroup for Animals en de ECEAE – samen vertegenwoordigen ze 100 organisaties uit 26 EU-lidstaten* – dan ook een Europees burgerinitiatief in.

De samenwerkende organisaties willen hiermee op zo kort mogelijke termijn 1 miljoen Europese burgers mobiliseren om cosmetica in Europa cruelty free te houden. In teken van de actie onthulde de Nederlandse activiste en kunstenares Nina Valkhoff vandaag haar muurschildering in Parijs. Later deze week volgen ook werken in Berlijn en Madrid.

Maar hoe zat het nu precies? In 2004 besloot de Europese Unie, na tientallen jaren van campagne voeren door consumenten, dierenbelangenorganisaties en diverse bedrijven, waaronder The Body Shop, het testen van cosmetische eindproducten op dieren te verbieden. In 2009 werd dat verbod uitgebreid tot een verbod op dierproeven voor cosmetica-ingrediënten. Dat alles leidde uiteindelijk, in 2013, tot een verbod op alle verkoop van cosmetica waarvoor dierproeven waren gedaan, met de ambitie om tegen 2023 een wereldwijd verbod op dierproeven voor cosmetica te krijgen. Deze EU-aanpak werd vervolgens de blauwdruk voor wetswijzigingen in landen over de hele wereld. Zo ook in Nederland.

Uit recente beslissingen van het Europees Agentschap voor chemische stoffen (ECHA) spreekt echter ondermijning van dit verbod. Ondanks dat bepaalde cosmetica-ingrediënten al jarenlang veilig worden gebruikt door consumenten en veilig worden verwerkt in fabrieken, roept het ECHA toch op tot nieuwe dierproeven voor deze stoffen. Mazen in de wet laten dat langzaam maar zeker toe. Terwijl er andere nauwkeurige en betrouwbare testmanieren zijn om de veiligheid van de stoffen te waarborgen.
 

 Dierenartsen en dierenbeschermers roepen op tot een wettelijk verbod op de handel in ongezonde honden. Het fokken van deze dieren is al sinds 2014 verboden maar ze worden nog steeds massaal verhandeld en ingekocht vanuit het buitenland.
In het BNNVARA-programma Kassa op 28 augustus werd duidelijk hoe groot het probleem in Nederland is.

Hoewel het in Nederland verboden is om honden te fokken met te korte snuiten en erfelijke afwijkingen, mag er wel gehandeld worden in deze dieren. Die worden hier vaak illegaal gefokt en legaal verhandeld, of ze worden ingevoerd vanuit het buitenland.

Dierenartsen Servé Smeets van Caring Vets en Karin Hoogendijk van de KNMvD: “Het is fantastisch dat een goede wet in Nederland het fokken van mismaakte dieren verbiedt. Helaas zien we op de behandeltafel nog steeds dezelfde snurkende en benauwde puppy’s met afgesloten neusgaten en veel te korte snuiten, maar nu komen ze uit het buitenland. De huidige wetgeving is volstrekt niet voldoende om deze honden te helpen”.

Diverse verkoopsites zoals Marktplaats staan vol met advertenties voor honden en katten die in Nederland niet gefokt mogen worden. Zolang deze handel wettelijk is toegestaan, zullen deze sites deze advertenties niet verwijderen. De overheid heeft veel te weinig capaciteit om alle aanbieders individueel te controleren.

Dierenartsen en dierenbeschermingsorganisaties roepen politieke partijen in een brandbrief op om een einde te maken aan de handel in ongezonde dieren. Zij pleiten voor een wettelijk handelsverbod voor dieren die niet in Nederland gefokt mogen worden. Het is logisch dat er ook een verbod komt op het kopen en verkopen van honden die niet gefokt mogen worden.

Steeds meer mensen vinden vermaak met dolfijnen onacceptabel. Dat blijkt uit opinieonderzoek door I&O Research in opdracht van World Animal Protection. Zo vindt slechts 40 procent dolfijnenshows met dolfijnen in gevangenschap acceptabel. Zwemmen met dolfijnen in gevangenschap is nog minder populair: slechts 22 procent vindt dat oké.

Uit het onderzoek blijkt dat zeven op de tien Nederlanders (71%) ooit naar het Dolfinarium gingen en driekwart (76%) wel eens een dolfijnenshow heeft bijgewoond. Voor de meesten vond het laatste bezoek aan een dolfijnenshow plaats voor 2010 (51%). Nog geen kwart (23%) van de respondenten zou het Dolfinarium in de toekomst graag nog eens bezoeken.

Bijna twee keer zoveel Nederlanders vinden dat er geen toekomst is voor het houden van dolfijnen in dolfinaria in Nederland dan mensen die nog wél een toekomst zien. 42% van de ondervraagden ziet geen toekomst, tegenover 24% wel (De rest is neutraal of weet het niet). Ook vindt 41 procent dat de Nederlandse overheid verantwoordelijk is voor dolfijnen die in Nederland in gevangenschap worden gehouden.

World Animal Protection liet het opinieonderzoek uitvoeren in het kader van de campagne Over de datum: dolfijnencircus Harderwijk. Dirk-Jan Verdonk, directeur bij World Animal Protection Nederland: ‘Vermaak met dolfijnen is niet langer houdbaar. Steeds meer mensen zien in dat deze sociale en intelligente dieren niet in gevangenschap horen, maar in het wild. Bedrijven schrappen dolfijnenattracties en een groeiend aantal landen faseert dolfijnenvermaak uit; Nederland loopt achter op die ontwikkeling. De al jaren dalende bezoekersaantallen van het Dolfinarium en dit opinieonderzoek onderstrepen dat er geen toekomst is voor het houden van dolfijnen in gevangenschap in Nederland.’

De dierenbeschermingsorganisatie pleit voor een fokverbod voor dolfijnen in Nederland. Verdonk: ‘Een fokverbod voor dolfijnen in gevangenschap is de cruciale eerste stap om ervoor te zorgen dat er geen nieuwe generatie dolfijnen in gevangenschap geëxploiteerd kan worden voor vermaak. Daarom roepen we de Tweede Kamer daartoe op. De dolfijnen die nu in het Dolfinarium leven kunnen niet, of met hele grote inspanningen, terugkeren naar het wild. Voor hen moet een zo goed mogelijke oplossing worden gezocht, in een semi-natuurlijke omgeving. Dit perspectief is er, tijd om hierop in te zetten.’

Vandaag barricaderen 100 lege hondenmanden de ingang van Marktplaats in Amsterdam. De lege mandjes staan symbool voor overleden puppy's uit de illegale hondenhandel. Dierenwelzijnsorganisatie House of Animals roept het handelsplatform hiermee op om advertenties van broodfokhandelaren te weren. De PR actie en campagne is ontwikkeld door Roorda Reclamebureau.

House of Animals, die eerder al aangifte deed tegen Marktplaats, start deze week met de bewustwordingscampagne 'Het begint op Marktplaats'. Langs Nederlandse snelwegen en grote steden hangen digitale schermen en abri's met foto's van puppy's uit de broodfokhandel.

Al sinds de coronacrisis zijn veel mensen op zoek naar een puppy om het thuiszitten aangenamer te maken. Op de snel stijgende vraag wordt slim ingespeeld door broodfokhandelaren die te jonge, zieke en vaak getraumatiseerde hondjes importeren. Jaarlijks worden naar schatting 80.000 puppy's naar Nederland gebracht via puppyfabrieken in Oost-Europa. De vaak doodzieke hondjes worden door Nederlandse handelaren verkocht via Marktplaats aan nietsvermoedende hondenliefhebbers. "We willen dat Marktplaats stopt met het faciliteren van illegale hondenhandel op hun website", zegt dierenbeschermer Karen Soeters van House of Animals.

House of Animals roept hondenliefhebbers via hun website www.houseofanimals.nl op om een petitie te ondertekenen waarmee ze Marktplaats vragen om te stoppen met faciliteren van handel in illegale puppy's. De actie is na een halve dag al een groot succes. Ruim 1.000 mensen hebben de petitie getekend.